Al sinds ik internet heb, vraag ik mij af waar de klantvriendelijkheid van de providers is. In al die jaren dat ik van internet via het telefoonmodem naar glasvezel ben gegaan, heb ik nog geen enkele keer een seintje van de netwerkbeheerder of de provider gekregen dat ik meer snelheid voor minder kon krijgen. Sterker nog, zelfs bij meer voor meer wisten ze mijn mailbox niet te vinden.
Nu ik eindelijk met heel veel moeite op het plaatselijke glasvezelnetwerk van KPN ben aangesloten via een mobile provider met een T geniet ik al weer een paar maanden van de ongekende snelheid van communicatie via licht. Wonder boven wonder was dat niet het enige lichtpuntje, want onverwachts kreeg ik een mailtje dat ik mijn onlangs afgesloten glasvezelabonnement kon upgraden. Ik had de keuze uit drie snelheidsopties, te weten 50, 100 en 1000 MB/s. Op dat moment had ik 100 MB/s, dus was de enige zinnige optie het maximum of ook wel 1 GB/s. Voorzichtig keek ik verder. Aan meer hangt natuurlijk ook een hoger prijskaartje, maar daar viel ik bijna van mijn stoel. Elke optie had dezelfde prijs. Om er zeker van te zijn dat er geen kleine lettertjes en addertjes onder het glas-gras lagen, heb ik maar eens gebeld of dit geen sprookje van 1001 MB zou zijn. Nee, het was echt geen sprookje.
Nu zijn we al weer een paar weken verder en heeft een monteur netjes de nog geen maand oude glasvezel-naar-koper-omzetter vervangen door een ander kastje en heb ik een bandbreedte waar 20 jaar terug een hele middelbare school het mee moest doen. En dan de werkelijkheid. Waarom komen de welbekende speed-testen niet verder dan 100 MB? Ineens moet je dan een netwerkspecialist worden om in te zien dat je eigen netwerk ook al weer vele jaren oud is en kabels en routers die hoge snelheid niet eens aan kunnen. Heeft het sprookje van 1001 MB toch een keerzijde – de prijs van een nieuwe netwerkomgeving.


