Onderzoek - ontwikkeling en innovatie
Op zoek naar tekenen van buitenaards leven
Een Nederlands instrument dat sporen van leven aantoont op de maan Enceladus van Saturnus. Dat is de ultieme droom van onderzoeker Niels Ligterink van de TU Delft.
Samen met zo’n dertig collega’s van verschillende Nederlandse bedrijven en kennisinstellingen werkt hij de komende jaren aan de (Origin of) Life Marker Chip (LMCOOL). De vinding laat zich het best omschrijven als een minuscuul, maar compleet laboratorium in de vorm van een soort computerchip. Die chip is ‘voorgeprogrammeerd’ om in vloeistoffen specifieke moleculen te herkennen, die kunnen duiden op leven, zoals aminozuren. Het idee voor de Life Marker Chip (LMC) werd ruim twintig jaar geleden al voorgedragen voor de Europese missie ExoMars. ESA koos uiteindelijk voor andere instrumenten op de missie, maar de consortiumpartners bleven enthousiast over het concept. Met financiële steun uit het NSO Instrumentenprogramma wordt het instrument nu doorontwikkeld, zodat het in de toekomst gebruikt kan worden op verschillende planetaire ruimtemissies. Eén van de grootste voordelen van de nieuwe LMCOOL is zijn beperkte omvang en gewicht. De instrumenten die op dit moment op Mars zoeken naar leven zijn zo groot als een magnetron en wegen tien tot twintig kilo. De LMCOOL heeft grofweg het formaat van een colablikje en weegt slechts 700 gram. In de ruimtevaart, waar elke kilo lanceergewicht telt, is de Nederlandse chip een goedkoop en tegelijkertijd geavanceerd alternatief. Het hart van de LMCOOL bestaat uit geïntegreerde fotonische chiptechnologie. Nederland heeft met deze technologie al veel ervaring opgedaan in medische toepassingen, maar in de ruimte heeft het nog niet gevlogen. Een belangrijke uitdaging ligt in het testen en gereedmaken van de chip voor gebruik in de ruimte. In Delft wordt onderzocht onder welke omstandigheden, zoals extreme temperaturen, straling en vacuüm, de chip betrouwbaar blijft functioneren, en welke maatregelen nodig zijn om het systeem operationeel te houden tijdens de missie naar Enceladus.


