(Of: Macht maakt meer kapot dan je lief is)
Wat is het doel in uw leven? Deze vraag kreeg ik de afgelopen week voorgelegd. Het was een aardige goedlachse mevrouw die, toen ik in de stad liep, mij deze vraag stelde. Normaal wijs ik, als ik zo op straat aangesproken word, dit soort vragen resoluut af. Maar deze mevrouw keek me met zulke lachende ogen aan dat ik besloot even te blijven staan om met haar in gesprek te gaan. Misschien zou ik hierdoor meer wat duidelijkheid krijgen over wat onze koning in zijn troonrede met ‘de participerende maatschappij’ bedoelde.
Helaas, het onderwerp bracht niet wat ik ervan verwachtte. In plaats van als een open vraag, die een belofte van wederzijds begrip en uitwisseling van meningen inhield, werd deze gesteld vanuit de rotsvaste overtuiging van het eigen gelijk. Het was simpelweg weer een poging om mij tot een bepaalde levenshouding te bekeren.
Nu sta ik, wat betreft de mening- en levensovertuiging van anderen, ruimhartig in het leven. Ten minste onder het voorbehoud dat een ieder dit voor zichzelf moet uitmaken, maar mij er niet mee moet lastig vallen. Ik raak dan ook geïrriteerd als anderen mij tot hun overtuiging proberen te bekeren.
Dat ik deze keer niet geïrriteerd raakte kwam door die vriendelijke ogen. Hoewel ik voor mijn gevoel met dit gesprek al aardig maatschappelijk aan het participeren was ben ik er niet veel mee opgeschoten. Het nadenken over mijn levensdoel is al lang een vast deel van mijn leven. Regelmatig vraag ik me af wat voor mij in dit leven belangrijk is. Is het geld, status, macht, of juist rust en tevredenheid?
Niet alleen in levensbeschouwelijke zin vraag ik me dit af, maar ook in het werkzame deel van mijn leven. Als onafhankelijk consultant wordt ik beroepsmatig vaak geconfronteerd met uiterst boeiende situaties. Deze ontstaan dan op die momenten waar de gewenste doelen van mijn opdrachtgevers ver afstaan van de realiteit. Voor mij ligt er dan de schone taak om wens en realiteit dichter bij elkaar te brengen.
Oppervlakkig gezien lijkt mij dit dicht bij die aardige mevrouw met die lachende ogen te brengen. Toch ligt hier een wezenlijke barrière. Omdat levensovertuigingen dwingend en dogmatisch zijn laten deze geen ruimte voor alternatieven. Hierdoor kan de afstand tussen wens en realiteit alleen overbrugd worden als de realiteit bewegen, het doel ligt namelijk vast in de overtuiging! Dit is nauwelijks realistisch te noemen. Voor mij is het een spel van geven en nemen met argumenten voor én tegen om zo gezamenlijk de kloof tussen wens en realiteit te versmallen.
Dat dit niet alleen in mijn wereld nodig is bleek enige weken geleden. Een klein stukje in de krant trok mijn aandacht. Het betrof hier een artikel over Nedcar en de FNV. Nedcar, u weet wel, onze nationale automobielfabriek in Born, dat juist toen Mitsubishi besloot zijn productie uit Born terug te trekken nipt door VDL van de ondergang gered is. Als goed ondernemer zag VDL hier kansen en is er, met steun van EZ, in geslaagd een mooi contract bij BMW weg te slepen. In Born mogen ze Mini’s produceren!
Omdat één model wel wat weinig is zie je dat VDL alweer bezig is vervolg contracten voor meer modellen los te weken. Doel en realiteit komen hier aardig bij elkaar!
In de tussentijd blijkt FNV- Bondgenoten in een andere realiteit te leven. Nog maar net bekomen van het bijna fataal uiteen vallen probeert deze club er nu weer toe te doen. Hoe kan dit beter dan met een stevige tamtam te zorgen dat je in het nieuws komt?
En wat werkt er voor de achterban beter dan mooie salaris eisen? Nu wil ik mij geen mening aanmatigen over de rechtvaardigheid van deze eisen, maar om nu te dreigen met stakingen bij Nedcar? Om dit dan te doen, juist op het moment dat de directie probeert het bestaansrecht van de vestiging te verstevigen door extra contracten binnen te halen, lijkt mij uitermate dom.
Is hier sprake van een diepere strategie die ik niet doorzie? Mis ik misschien een participatie essentie? Of hebben we het hier over bestuurders die zich coûte que coûte willen profileren?
Ik ben bang voor het laatste en het wrange is dat dit juist ten koste gaat van diegenen die zij zeggen te vertegenwoordigen. Op deze manier verwijder je, juist voor de werknemers die je zegt te vertegenwoordigen, de kloof tussen wens en realiteit in plaats van deze te versmallen!
Of kijkt de FNV teveel naar Rutten en is ze juist optimistisch en opportunistisch maatschappelijk aan het participeren?
Ik zou zelf toch maar blijven zoeken naar een manier om de wens (werkgelegenheid in Born) en de realiteit (wel of geen contracten) op één lijn te krijgen en alles op alles zetten om deze kloof te overbruggen.


