FHI, onze federatie van technologiebranches bestaat zestig jaar! Op 6 april 1956 werd de coöperatieve vereniging Het Instrument opgericht door een soort Gideonsbende van bedrijven. In 1991 werd de coöperatieve vereniging omgevormd tot een federatieve vereniging van vier branches, industriële elektronica, industriële automatisering, laboratorium technologie en medische technologie. Hoe feestelijk is het dat juist het jubileumjaar, 2016, begon met de toetreding van een vijfde branche, die voor gebouwautomatisering. Met inmiddels zo'n achthonderd bedrijven die samen een jaaromzet realiseren van ongeveer acht miljard euro, is de Gideonsbende nu een factor van betekenis in Nederland.
Heeft het zin om een jubilerende federatie van branches een cadeau te geven? Oké, de toetreding van de gebouwautomatiseerders zou je een cadeau kunnen noemen. Maar dat was toch eigenlijk het werk van FHI zelf. Uit de schoot van de bestaande organisatie werd vier jaar geleden de nieuwe brancheorganisatie opgericht en nu is ze volwassen genoeg om een eigen plaats in te gaan nemen in de federatie.
Nee, FHI hoeft niets cadeau te krijgen. De federatie geeft vanwege haar zestigjarig bestaan zelf een cadeau weg, een cadeau aan de bv Nederland. Dat is het ‘FHI Technologiemanifest 2016-2018′. Het is een cadeau aan ‘bedrijven, overheid en politiek’. Onder de titel “Technologie voor werk, welzijn en de wereld” presenteert de zestigjarige federatie een vlugschrift dat kan helpen bij de invulling van de partijprogramma’s die nu worden geschreven met het oog op de verkiezingen voor de Tweede Kamer, volgend jaar. Maar ook daarvoor en daarna kan heel Nederland er baat bij hebben de wijsheden, analyses en aanbevelingen die in het manifest zijn samengebracht ter harte te nemen en, al dan niet samen met FHI, in de praktijk te brengen.
Waar dit over gaat? Acht paragrafen waarover vertegenwoordigers van bedrijven uit de verschillende technologiebranches zich hebben uitgesproken, visies hebben ontwikkeld: onderwijs en arbeidsmarkt, wetenschappelijk onderzoek, faciliterende labs, eerlijke handel en marktwerking, waardeketens en ecosystemen, industrie en internationalisatie, innovatie instrumentarium, maatschappelijke verantwoordelijkheid. De tweeduizend woorden zijn in het manifest samengevat in een concreet twintig puntenplan, met een oneliner per punt.
“Maak technisch onderwijs kleinschalig en herkenbaar” is er één. “Zoek samenwerking tussen universiteiten en bedrijfsleven aan de inkoopkant van de universiteit” is een andere, zo logisch, Cruijffiaans, dat het beleid dat decennia lang over het hoofd zag. “Maak ruimte voor kleine aanbieders om zich te organiseren tegenover grote dominante inkopende partijen” is er één waarop we al een tijdje hameren. Er lijkt wat meer gehoor te komen hiervoor, maar de praktijk leert dat het steeds herhaald moet worden zolang het nog niet echt goed geregeld is.
Nog een paar voorbeelden. “Denk en doe vanuit integrale waardeketens zonder scheiding tussen ontwikkeling, productie, handel en dienstverlening”, dat is een aanbeveling die voortkomt uit wat we dagelijks meemaken in technologiebranches. Wie daar buiten staat en gewend is aan analyses op basis van historische gegevens, die mist de pointe dat de wereld waarin bedrijven zaken doen in de afgelopen decennia totaal is veranderd. In 1956 begon Het Instrument als een club van vooral handelsbedrijven. Dat is totaal veranderd. FHI is nu één brok ervaringsdeskundigheid.
“Bind internationale industriële bedrijven aan Nederland via waardeketens en de kennisinfrastructuur” en “Geef de biotransitie prioriteit” zijn twee samenhangende aanbevelingen die refereren aan de noodzaak om het enorme industriële complex van Europoort te vernieuwen.
“Ontwikkel nieuwe instrumenten om ‘de overheid als launching customer’ innovatief vorm en inhoud te geven” en “De combinatietechnologie, duurzaamheid en veiligheid biedt kansen en bedreigingen”, twee uitsmijters die refereren aan de paragraaf over maatschappelijke verantwoordelijkheid.
De Gideonsbende bracht veel teweeg. Hoe dat ging heeft lang niet iedereen gezien. Het is symptomatisch voor het jaar 1956, het startjaar van Martin Luther King, van Fidel Castro, van Nelson Mandela, van de Hongaarse opstand, overal waren het Gideonsbendes.



