Column & Opinie

Wonder boven wonder

Negen juni mag met recht een gedenkwaardige dag genoemd worden. Op die dag waren er volgens mij grote hoogte- en dieptepunten te zien. Voor mij begon dat al vroeg toen ik met een op een tafellaken lijkend stembiljet richting rode potlood ging. Terug naar de middeleeuwen zo voelde het, alleen was er toen nog geen democratie.

Zijn we al jaren zover dat we elektronisch kunnen stemmen, moeten we terug naar handwerk omdat men denkt dat de industrie niet in staat is om een technisch hoogstandje te kunnen leveren. Voor mij voelt dat alsof al ons werk ontkend wordt, want volgens mij zijn er voldoende goede methodes om elektronisch te kunnen stemmen waarbij achteraf controle mogelijk is en de uitslag niet te manipuleren is. Technisch gezien kunnen we dat en we zouden ons moeten schamen dat we weer op de ouderwetse manier moeten stemmen.
Voor de uitslag had het wel of niet elektronisch stemmen niet veel uitgemaakt, alleen was veel sneller bekend hoe de nieuwe verdeling er uit kwam te zien. Nu moesten we wachten tot bijna 4 uur in de nacht voordat Mark Rutte voorzichtig zijn zegen opeiste. Door gebruik te maken van al ons technisch vernuft, had dat al enkele minuten na het sluiten van de stemlokalen kunnen gebeuren, maar ja – dat blijkt niet te mogen. Eén voordeel had het trage proces wel. We konden daardoor veel langer genieten van een technisch hoogstandje van die avond, het grote aanraakscherm dat voor mij het symbool was dat we niet in de middeleeuwen verblijven.
Het rode potlood als dieptepunt en het aanraakscherm als hoogstandje, die elkaar staande hebben gehouden op één avond. Dat kunnen we niet zeggen van de politiek, want er heeft een aardige aardverschuiving plaatsgevonden? Tegen de tijd dat u dit leest, zullen veel van de gevolgen duidelijk zijn geworden en weten we of Mark het waar heeft weten te maken om op 1 juli een nieuw kabinet te hebben gevormd.