Column & Opinie

Gecontroleerd afkicken

Cold turkey, mijn generatie weet zich nog heel goed te herinneren dat die twee woorden voor het eerst als begrip ons taalgebied binnenkwamen. Eind zestiger, begin zeventiger jaren van de vorige eeuw zal het zijn geweest. John Lennon maakte een song die zo heette, na zijn Beatletijd. " Cold turkey wordt gebruikt om een manier van afkicken te beschrijven" zegt Wikipedia. "Bij cold turkey wordt in één keer gestopt met het gebruik van het middel waar de patiënt aan verslaafd is. Ook worden er geen middelen gebruikt die ontwenningsverschijnselen kunnen remmen. Tot de veronderstelde nadelen behoren de gruwelijke ontwenningsverschijnselen en de hierdoor veroorzaakte druk op hart en bloedvaten die in het ergste geval kan leiden tot een beroerte of hartaanval".

Onze economie was en is verslaafd aan groei, liefst exponentieel. Die verslaving is problemen gaan veroorzaken. Uitputting van hulpbronnen en de natuur, kanker, zou je kunnen zeggen.
Het eerste waar we in hoge mate mee zijn gestopt is kinderen voortbrengen. Bijna op een cold turkey manier. Zonder aanwas van jongeren bloedt een economie heel snel dood. Het was zoals bij verslaafden. Even hadden we een kater, bij de bankencrisis van 2008. Toen de hoofdpijn iets was afgenomen, dachten we kom, we nemen er nog één. Alles is weer als vanouds, we groeien lekker door.
Maar dat gaat niet op. We lopen nu een Japans scenario. Dat betekent toch echt afkicken. En het is de kunst om dat gecontroleerd te doen. Niet zoals de Grieken, maar met een goed gedoseerde ontwikkeling van de economie. In Griekenland dreigen de aderen verstopt te raken. Wij kennen echt nog wel sectoren waar groei zit. En wat nog veel meer is, we houden ons hoge welvaartsniveau aardig op peil. Maar kan dat ook echt, jarenlang, misschien wel gedurende een aantal decennia, weinig tot geen groei en toch een hoog welvaartsniveau handhaven?
Het gaat nu wel hard. Lege bedden in de ziekenhuizen, dat is opeens wel heel bijzonder. We gaan het zien, of de gezondheidszorg de ‘motor’ van de economie was. Zou toch een meevaller zijn als dat blijkt niet zo te zijn. Is het dan toch onze exportkracht? Het lijkt er inderdaad wel een beetje op dat de investeringen die zijn gedaan met behulp van de aardgasbaten ons een betere concurrentiepositie hebben gegeven. Zijn we daar niet aan verslaafd geraakt? Dat moet blijken. Met name onze technologiebranches, zoals de laboratoriumbranche, hebben goed geprofiteerd van investeringen in de kennisinfrastructuur, de wetenschappelijke labratoria. Zo’n groei-impuls krijgen we niet snel weer. Maar het goede nieuws is dat we ook zonder zo’n shot kunnen leven. De markt is niet of nauwelijks echt teruggelopen. Private ondernemingen doen nu toch hun research- en ontwikkelingsactiviteiten in Nederland.
Met de beurs HET Instrument hebben we het ook gezien. Natuurlijk ook daar geen groeicijfers van toenemende bezoekersaantallen. Dat kan al helemaal niet nu we steeds minder aanwas van nieuwe mensen hebben. Maar toch, iedereen op de beursvloer, toch nog steeds 12.648 technologieprofessionals, waren vier dagen lang gefocussed op kansen voor de toekomst, vol optimisme. Een beetje verslaafd misschien nog. Kan zijn dat nog niet de volle realiteit is doorgedrongen. Maar als je ziet waar vooral de belangstelling lag, bij procesintensificatie, bij life sciences en bij nanotechnologie, en als je ziet dat die terreinen vooral ‘enabled’ worden door elektronica. Per saldo is er misschien geen groei, maar er zijn wel heel structurele veranderingen gaande in de structuur van onze zelfscheppende bedrijvigheid. De technologiecomponent gaat hard omhoog en daarmee houden we ons hoge welvaartsniveau vast.
Groei dus nog steeds voor de technologiecomponent. Het is de methadon om de bijverschijnselen te temperen. De junk is misschien voorlopig nog een beetje mager, maar eenmaal afgekickt staat hij een stuk krachtiger in het leven.