Column & Opinie

Fyra als politieke emotie

(Of: "Serious gaming serieus genomen?" )

Wat vindt u van politici die steeds maar over ‘dé politiek’ praten? Bekruipt u ook het gevoel dat ze zich dan ergens achter proberen te verschuilen? Dat ze het zicht op de realiteit een beetje kwijt zijn? Onze Fyra discussie in de tweede Kamer laat dit aardig zien. We besteden ongeveer €450M aan de aanschaf van de treinen en toen de AnsaldoBreda directeur de Kamer zijn beeld uit mocht leggen had men daar maar tien minuten voor ingeruimd. Je kunt je voorstellen hoe zinvol deze discussie was, met daarbij ook alle Nederlands / Italiaanse vertalingen bovenop!

De goede man was al geslacht voordat hij één woord gesproken had!

Nu twijfel ik ook aan de kwaliteit van deze treinen, maar dit soort gedrag is niet netjes. Ik zou denken onze politici iets meer beschaving ten toon zouden kunnen spreiden. Dit heeft niets met regeren of controleren te maken maar alles met fatsoen, dit is acteren voor de bühne, pure emotie! Hiermee stelt de politiek zich voor mij gelijk aan emotie, kennelijk geldt de regel: “Politiek = Emotie”.

Op zich wel grappig, als ik nu een politicus de woorden “de politiek” hoor uitspreken komt bij mij meteen het woord ‘emotie’ bovendrijven. En wat denkt u? Het blijkt nog aardig te kloppen ook! Niet dat ik denk dat politici niet slim zijn, nee het is meer dat ze zo in hun eigen wereldje leven dat ze zelf zijn gaan geloven dat hun wereld de echte wereld is en dat onze (de echte wereld) politiek (=emotie) maakbaar is.

Deze maakbaarheidswens komt vooral erg duidelijk naar voren als politici spreken over de samenleving. Niet dat er ook maar één politicus geprobeerd heeft dit te definiëren. Zoiets hoef je toch niet te definiëren? Iedereen weet toch wat we met “Samenleving” bedoelen, we hebben toch maar één “Samenleving”? Dat klopt wel, maar hoe je naar de “Samenleving” kijkt wordt wel sterkt bepaald door politieke of culturele achtergrond.

Het lijkt daardoor een beetje op ontwerpen zonder-, of in het beste geval met een slechte specificatie. Je begint gewoon en ziet dan wel waar je uitkomt. Als het dan niet aan de verwachtingen blijkt te voldoen start je gewoon een parlementaire enquête. De schuldige komt dan gewoon bovendrijven! In het beste (ergste?) geval roept men: “de Kamer heeft ook boter op zijn hoofd”! Om daar vervolgens totaal geen conclusies voor het eigen gedrag aan te verbinden.

Mag ik vanaf deze plek eens wijzen op de studie van Luís Bettencourt (USA) die een aantal wetmatigheden gevonden heeft die de patronen van stedelijke ontwikkeling beschrijven. Stedelijke ontwikkeling (in ruimte en tijd) wordt hierbij beschreven als een complex systeem dat in een aantal redelijk eenvoudige wetmatigheden (formules) vastgelegd kan worden, waarbij ook zaken als criminaliteit, economie en sociale factoren onderdeel uit maken.

Lezers onder u die bekend zijn met de “Foundation Trilogie” van de Amerikaanse schrijver Isaac Asimov zullen hier een ‘deja vu’ in herkennen.

Deze ontdekking opent aardige perspectieven. Nu deze formules bekend zijn kan naar elke stad vanuit een model gekeken worden. Dan blijken er ineens, in plaats van maar wat te proberen, wél mogelijkheden te zijn om gedefinieerd te sturen. Daar waar politici en bestuurders vroeger puur vanuit hun idealisme, levensovertuiging en op goed geluk allerlei beleid uitstippelden is het nu, tenminste voor stedelijke gebieden, mogelijk hier vooraf aan te rekenen en te zien wat de effecten zullen zijn.

Ik hoop op de ontwikkeling van een Serious Game op basis van zo een model dat onze emotici kan helpen het effect van beleid inzichtelijk te maken in de hoop dat gewenste en vooraf aan te tonen uitkomsten het doel zullen worden en niet allerlei emotie gedreven stokpaardjes.