Column & Opinie

Engels gezegde: “Penny wise, pound foolish”

(Of: "Laten we niet net doen of we Engels spreken, maar liever zinvol handelen")

De Nederlandse kruideniersmentaliteit: “Zuinig omgaan met de kleintjes, daar word je groot van”. Geld uitgeven is geen kunst, maar het is de ware meester die zijn geld alleen uitgeeft aan zaken die er toe doen. Anders gezegd, aan zaken die renderen.
Elk dubbeltje omdraaien, deze eigenschap waarmee onze moeders (of grootmoeders) ons hebben opgevoed heeft de Nederlandse koopman veel opgeleverd! Nog steeds behoren wij tot de grotere handelsnaties van de wereld. Ook door de politiek wordt dat goed begrepen, lage vennootschap belasting maakt Nederland tot een zakenparadijs.
Dit heeft wel een keerzijde, niet iedereen is handelsman en kan hiervan mee profiteren. Sterker nog, het merendeel van de Nederlanders moet zijn of haar inkomen uit een andere bron verwerven. Waar vroeger de nadruk op de agrarische bedrijven lag is dit in de afgelopen 150 jaar verschoven in de richting van de industrie, met dienstverlening als een goede partner.
Ook in deze richtingen geldt het adagium: “Elke dag een steekje maakt een hemdsmouw in een jaartje”. Net zo belangrijk als het letten op de kleintjes. Je ziet dit vooral terug in het MKB, veelal familiebedrijven. Met kleine stappen vooruit en geen overhaaste en roekeloze dingen. Dit is de werkelijke basis waar Nederland (en Europa) economisch op steunt.
Toch heeft dat ook een nadeel. Het is voor deze bedrijven (zeker nu) moeilijk om aan kapitaal te komen om grote investeringen te doen om in nieuwe technieken een nieuwe richting in te slaan. Vaak komen deze er wel, maar dan te laat en te weinig waardoor we ons de kaas van het brood laten eten door de partijen (en landen) met diepere zakken.
De Nederlandse regering heeft dit goed doorzien en steunt het bedrijfsleven dan ook met de nodige subsidies. Voor de 9 Topsectoren die onderkend zijn is een bedrag van 2 Miljard Euro voor de komende jaren vastgesteld. Speciaal het MKB is hier 500 miljoen uit toegedacht.
Een mooi initiatief!
Alleen hoe gaan we hier nu mee verder? Ik heb bijvoorbeeld het rapport ‘Energie in beweging’ van de Top-sector-Energie eens bekeken. Waarlijk een mooi document, veel keurige zinnen en een nette lay-out. Alleen jammer dat er met gegevens uit 2008 gewerkt wordt. Inmiddels een beetje achterhaald!
Laat ik maar een voorbeeld nemen, de energie prijzen. Waar in 2008 door velen geroepen werd, Pas op! De energieprijzen kunnen alleen maar stijgen, worden we nu met een olieprijs van meer dan $125 per vat met onze neus op de feiten gedrukt. Dit grijpt aan in de portemonnee van iedereen. Particulier en bedrijf!
Hadden we dit niet kunnen voorzien en een oplossing klaar kunnen hebben? Natuurlijk kon én kan dat.
Het antwoord is: “Alternatieve energie”, maar dan in de ruimste zin van het woord. Juist nu onze gasvoorraad op dreigt te raken zou er in Den Haag toch iemand op het idee moeten kunnen komen dat het zinvoller is te kijken naar een toekomst met voldoende én betaalbare energie dan naar hoofddoekjes en Oost Europeanen.
Natuurlijk geven grote concentraties mensen problemen, kijk naar een beetje voetbalwedstrijd, maar dat moet op lokaal niveau prima op te lossen zijn.
Nederland zou gebaat zijn bij een regering, politici én maatschappelijke partijen die uit zichzelf al zicht hebben op de grote thema’s waar we de komende jaren mee gaan worstelen. En die daar, ieder vanuit zijn of haar perspectief, aan een oplossing willen meewerken. Zeg maar het Poldermodel, maar dan niet op de kleine details (de penny’s) maar juist op de grote lijnen (de pounds).
En wat kunnen wij zelf daar aan bijdragen? Juist, geef uw politieke stem straks aan iemand met verstand van zaken. Of misschien nog beter, stuur hem vandaag al een mail met deze strekking! Het is ónze toekomst, maar vooral die van onze kinderen, die nu vorm gegeven wordt!
Zodat zij straks niet hoeven te zeggen: “Onze ouders waren wel slim in de details (meldpunten) maar jammer dat de hoofdlijnen (betaalbare energie) zo volledig gemist zijn”.