Column & Opinie

Domme Valley, een valkuil

Egbert-Jan Sol is een hele goeie, visionaire technoloog, tegenwoordig werkzaam bij TNO. Misschien komt het omdat die organisatie voor een belangrijk deel afhankelijk is van de overheid als financier, dat hij zich heeft laten meeslepen. In de Technologiekrant 12 oktober pleit de ‘directeur kennis’ er voor meer geld voor R&D van de overheid door te…

Egbert-Jan Sol is een hele goeie, visionaire technoloog, tegenwoordig werkzaam bij TNO. Misschien komt het omdat die organisatie voor een belangrijk deel afhankelijk is van de overheid als financier, dat hij zich heeft laten meeslepen. In de Technologiekrant 12 oktober pleit de ‘directeur kennis’ er voor meer geld voor R&D van de overheid door te sluizen naar Zuid-Oost Brabant, de Dommel Vallei. In een hier en daar wat rammelend betoog zet Sol de regio neer als een verongelijkte Calimero die door de rest van Nederland over het hoofd wordt gezien. Dat is dom van die rest van het land die bovendien volkomen ten onrechte denkt dat Nederland een handelsland is.

Doel van de redenering is dat de overheid een paar honderd miljoen extra speciaal gaat bestemmen voor de omgeving van het Brabantse beekje waar een biertje naar is vernoemd. Op zich aandoenlijk, maar toch niet van gevaar ontbloot. Het past namelijk in een bedenkelijke trend van onzinnig regionalisme die binnen een piepklein landje als Nederland al snel samenvalt met dorpspolitiek.

Ook de regio waar ik zelf woon, Utrecht, doet een duit in het zakje, of liever gezegd probeert een duit uit het zakje te graaien. Er is in deze regio een ‘taskforce innovatie regio Utrecht’ opgericht, met een bijbehorende geldverslindende publiciteitscampagne die eigenlijk nergens over gaat. Herkent u het uit uw eigen regio, uw eigen dorpse stadje?
Als het zich beperkt tot een holle publiciteitscampagne om de dalende prijzen van het onroerend goed te steunen, dan zijn de gevolgen nog te overzien, hoewel het kapitaalvernietiging blijft. Zodra het gaat om R&D-programma’s waarin als voorwaarde wordt gesteld dat de technologie die wordt ingezet per se van binnen de eigen regio, het eigen dalletje, moet komen, dan wordt het veel kwalijker, contraproductief.

Er kan niet genoeg worden geprotesteerd tegen dergelijk beleid. Gelukkig is het in de praktijk redelijk makkelijk te omzeilen, te corrumperen. Het programma ‘Pieken in de Delta’ is zo’n pot van vele miljoenen die regionaal worden verdeeld. Gelukkig ligt daar een nationale coördinatie overheen. Als blijkt dat de regio’s het geld niet op krijgen vanwege armoede aan kwalitatieve projecten, dan wordt er van alles mogelijk. Maar zelfs binnen regionale projecten kan er veel. Zolang je de regionale notabelen, de dorpsoudsten, de credits maar geeft. Jouw sensorproject hoeft niets met Oost-Groningen te maken te hebben, als je maar publiceert dat het te danken is aan die regio, het dynamische hart van de sensortechnologie voor heel Europa!

Tjerk Gorter, voormalig directeur innovatie van Friesland Food had op de Nationale MicroNano Conferentie van 2006 een gevatte reactie op een emotionele oproep van professor David Rijnhout om toch vooral Twente niet over het hoofd te zien als bakermat van technologie. “Je moet niet kampioen willen zijn van Lilliputterland”.

Ik blijf het zeggen. Nederland heeft als land de ideale schaal om technologie te bedrijven, internationaal winstgevend. Met elkaar hebben we alles in huis. We kennen elkaar allemaal, wat de beste garantie is om te blijven beseffen dat eerlijk het langst duurt. Onze schaal is dezelfde als succesvolle Porteriaanse regio’s uit het verleden: Silicon Valley en, wie weet het nog, het Ruhr-Gebiet. Een beetje dom om je Hollandse identiteit als Nederland niet te willen benutten. Egbert-Jan heeft het over een nieuwe Gouden Eeuw, Hollandser kan het niet!

Drs. J.C. Groeneveld